Zoeken

Slaan, schoppen, uitschelden, kleineren en het negeren van pijn. De gedetailleerde getuigenissen van top-turnsters over jarenlange mishandeling zorgen voor een schok in de sportwereld. Volgens Peter Dijkshoorn, jeugdpsychiater en bestuurslid van de Nederlandse ggz kan slimme samenwerking tussen GGZ-professionals en de sportwereld bijdragen aan het voorkomen van grensoverschrijdend gedrag van coaches.

Hoe luisterde u naar de getuigenissen van de turnsters die nu publiek hun verhaal doen?

Je schrikt natuurlijk altijd van de persoonlijke verhalen, maar je weet dat bij trainen en opleiden en eigenlijk overal waar machtsverschillen bestaan dingen kunnen gebeuren die schadelijk zijn. Een trainer kan denken, als ik over deze grens heen ga, dan wordt mijn sporter daar beter van. Dan kan ze door een pijngrens heen gaan, dan kan ze afzien, dan durft ze nog meer. Maar dat mag natuurlijk nooit zo ver gaan dat het leidt tot mishandeling. Het is mooi dat deze dames, maar ook een trainer hun verhaal hebben gedaan.

De atletes krijgen nu vaak de vraag: Waarom heb je je niet eerder gemeld? Begrijpt u waarom ze dat niet gedaan hebben?

Kinderen kunnen denken dat de aanpak normaal is. Ze denken dat ze de enige zijn, dat het nodig is, ze hebben vaak ook een vertrouwensband met hun trainer. Iedereen complimenteert ze met hun prestaties en we zitten met z’n allen voor de TV naar die prachtige prestaties te kijken. Ze willen niemand teleurstellen. Als niemand jou dan vertelt dat het niet normaal is, dan leef je daarmee. Dat kan op heel jonge leeftijd beginnen en lange tijd doorgaan. Ook bij andere vormen van mishandeling en misbruik zie je dat mensen pas veel later tot het besef komen, dit is niet normaal, dit is niet goed.

Je hoort in discussie ook het geluid: Dit is nu eenmaal topsport: Zonder alle grenzen over te gaan bereik je nooit het allerhoogste niveau. Hoe kijkt u daar tegenaan?

Het zou verstandig zijn om gezamenlijk te evalueren of de druk die jij als coach uitoefent niet te ver gaat. Je zou met de coach, ouders en het kind het gesprek kunnen hebben, hoe richten we dat in? Een kind moet bijvoorbeeld dingen durven die je normaal niet zomaar zou doen, of je moet pezen verder oprekken dan normaal. In hoeverre mag je als trainer dan druk uitoefenen om te zorgen dat jij dat wel redt? Bespreek dat. Zullen we het er na afloop met zijn allen over hebben? Zijn er andere manieren? Als je het zo inkleedt wordt het al heel anders; Zeker als je de afspraak inbouwt dat als je onverhoopt toch teveel druk uitoefent je als trainer een pas op de plaats maakt.

Turnster Joy Goedkoop vertelde bij de NOS over het diepe dal waar ze doorheen ging na haar carrière. Hoe schadelijk is het als je jarenlang in een situatie zit waarin een trainer je uitscheldt, dreigt met fysieke mishandeling of zelfs klappen uitdeelt?

De reactie zal per persoon verschillen. En misschien is het anders als je een grote prijs wint, dan wanneer je dat niet lukt. Waar is het dan allemaal goed voor geweest? En klopt het dan wel wat met mij gedaan is? Je zult mensen zien die boos worden, zich schuldig voelen, waarom heb ik niet ingegrepen, waarom heb ik geen nee gezegd, of mensen wiens ouders zich schuldig voelen. Het kan op allerlei manieren schade hebben, en ook langdurige schade in het persoonlijk en sociaal functioneren.

De Nederlandse ggz zet in haar doelstellingen in op gezond en veilig opgroeien. Wat kunnen GGZ-instellingen en professionals doen om te helpen in dit dossier?

Vanuit de GGZ kan van twee kanten hulp worden geboden. Als je getraumatiseerd bent door zo’n ervaring loop je flinke kans dat als daar niks aan gebeurt je jarenlang rondloopt je schuldig kunt voelen, of verdrietig, of somber kunt voelen. Goede hulp kan de nare gevoelens wegnemen. Dan is de gebeurtenis niet weg, maar de nare last wel.

De GGZ kan ook een goede bijdrage leveren aan preventie. Sportverenigingen kunnen GGZ-deskundigheid inschakelen om dit thema goed door te spreken en daarmee problemen te voorkomen. Veel clubs hebben ouderavonden. Daar zou je heel goed samen met een GGZ-expert kunnen praten over zo’n thema: Waar gaat druk voor mooiere prestaties over in mishandeling? Hoe bewaken wij dat met elkaar? Als iemand dan durft te zeggen: Ik heb kinderen getraind maar achteraf denk ik dat dat voor sommige kinderen niet goed is geweest, dan zou dat heel erg kunnen helpen tegen mishandeling en in het met elkaar leren. En ik denk dat de prestaties er niet van achteruit gaan.

Stel een sportclub wil graag de expertise inzetten van de GGZ-sector?

Ik weet dat als ik in mijn instelling die vraag krijg een aantal collega’s dat met plezier doen. En dan weet ik zeker dat ze een heel waardevolle bijdrage kunnen leveren op ouderavonden en bijvoorbeeld trainerscursussen. En het mooie is: Als dit een normaal thema wordt om te bespreken op clubs dan gaat dat ook invloed hebben op de trainingscultuur aan de top. En zo helpen we verdere uitwassen te voorkomen, zonder dat de prestaties minder hoeven te worden.