Zoeken

Het was op de HIC, de High Intensive Care, daar waar in de ggz de mensen terechtkomen als ze in hoge nood zijn, als ze zichzelf kwijt zijn en de grip op het leven. In de war, suïcidaal, agressief soms. Op de afdeling, nu in relatieve rust, praatten we met Audrey en John. Over hun frustratie over alle tijd die ze kwijt zijn aan verantwoording, regels en protocollen. Over de boosheid dat de collega met wie ze dienst draaien - een zzp’er - twee keer zoveel verdient voor hetzelfde werk als zij in vaste dienst. Over de vermoeidheid, omdat ze met te weinig mensen zijn voor emotioneel en fysiek zwaar werk. De armen van Audrey zaten vol blauwe plekken – een cliënt ging eerder die week door het lint. ‘Jullie werken hier al tien jaar’, zei ik. Meteen zaten ze rechtop. ‘Ja, en het is het mooiste werk van de wereld! Die mensen zijn zó ziek als ze hier komen. En niemand wil ze hebben, overal moeten ze weg. Om er voor hen te kunnen zijn, juíst dan, daar doen we het voor!’ 

Een grote ggz-organisatie verhing een aantal jaren geleden de bordjes. ‘De cliënt centraal’ was altijd de leus geweest, maar het werd tijd voor een andere:  ‘De medewerker centraal’. Want het besef was: de patiënt, de klant of hoe de mens die zorg nodig heeft ook maar heet, krijgt de beste behandeling of begeleiding alleen als er medewerkers zijn, met hun professionaliteit, hun ervaring, hun aandacht. Zonder mensen geen zorg. 

In de hele samenleving is er een personeelstekort. In de zorg is dat er al jaren en het is nu erger dan ooit. Alleen al in de ggz is er op dit moment een tekort van 4200 arbeidskrachten en dat loopt in 2031 op tot 9.300, de jeugdzorg nog niet meegerekend. In het integraal zorgakkoord, dat in september werd gesloten, hebben we allerlei afspraken gemaakt om goede zorg te kunnen blijven leveren. Daar is heel veel over te zeggen en makkelijk wordt het niet. Maar één ding is duidelijk: goed zorgen voor de zorgprofessionals is voor die goede zorg onontbeerlijk.

Zonder zorg zijn we nergens – aldus Lynn Berger van De Correspondent in haar mooie boek ‘Zorg’. Ze refereert aan Margaret Mead, de antropoloog, die een gebroken en geheeld dijbeenbot noemde als archeologische vondst die het begin van de menselijke beschaving liet zien. Een geheeld bot als bewijs dat iemand de tijd had genomen om in de buurt te blijven als een ander gewond was. Bij die bereidheid om een ander te helpen, voor een ander te zorgen, ligt de kiem van de menselijke beschaving.

Dit jaar breng ik op de International Mental Health Day een ode aan de medewerker. Aan Audrey, aan John, en aan al die anderen. Zij verdienen het. Omdat zij dat mooiste werk van de wereld doen. Omdat er zonder hun inzet geen zorg is. Én, omdat het daar, bij de zorg van mensen voor elkaar, in het leven om begonnen is.  

Ruth Peetoom
Voorzitter de Nederlandse ggz