Macrocijfers en stelselbeleid
Jeugdwet, jeugdbeleid en jeugd-ggz
Wonen
Kwaliteit en passende zorg
Veiligheid, leefbaarheid, onbegrepen gedrag en Forensische zorg
Arbeidsmartkbeleid, opleidingscapaciteit en arbeidswetgeving
Innovatie, gegevensuitwisseling en digitalisering
Domeinoverstijgende samenwerking
Mentale gezondheid, preventie en verslaving
Duurzaamheid
Veiligheid, leefbaarheid, onbegrepen gedrag en Forensische zorg
Analyse op financiën
Aanpak op verward of onbegrepen gedrag
Voor de aanpak van verwarde personen en onbegrepen gedrag is in 2027 € 4,9 miljoen beschikbaar. Dit geld is onder meer bedoeld voor de levensloopaanpak en de ondersteuning bij complexe casuïstiek. Daarnaast is € 1,5 miljoen beschikbaar voor regionale plannen van aanpak en de implementatie van de gespreksleidraad cruciale ggz (VWS, p. 73).
Het Actieprogramma Grip op Onbegrip heeft voor de periode 2021–2027 € 116 miljoen beschikbaar en loopt in 2027 af (VWS, p. 73). Daarnaast is via het gemeentefonds in 2026 en 2027 jaarlijks € 10 miljoen beschikbaar voor het versterken van de gemeentelijke dienstverlening aan mensen met verward gedrag. Vanaf 2028 is hiervoor geen geld meer opgenomen. De middelen voor nabije triage bij de Zorg- en Veiligheidshuizen halveren van € 249.000 naar € 125.000 en stoppen daarna. Het Landelijk bureau Zorg- en Veiligheidshuizen is met € 1,136 miljoen tot en met 2029 gefinancierd (gemeentefonds, pp. 23–24).
Het financiële beeld voor deze groep is daarmee beperkt, programmatisch en deels aflopend. Structurele financiering is nog niet zichtbaar geborgd.
Wvggz en forensische geneeskunde
Voor de uitvoering van de Wvggz en de implementatie van de Evaluatiewet Wvggz/Wzd is in 2027 circa € 11 miljoen beschikbaar. Het grootste deel hiervan gaat naar instellingssubsidies voor de patiëntenvertrouwenspersoon en de familievertrouwenspersoon en niet naar uitvoeringslasten bij aanbieders (VWS, p. 72). Daarnaast is circa € 9 miljoen beschikbaar voor de opleiding van forensisch artsen. Dit betreft forensische geneeskunde, waaronder de lijkschouw, en niet de forensische zorg (VWS, p. 54).
Forensische zorg: meer budget, andere capaciteit
Het budget van DJI voor forensische zorg groeit van € 1.506 miljoen in 2026, naar € 1.533 miljoen in 2027 en € 1.557 miljoen in 2031. De inkoop van forensische zorg bedraagt € 1.090 miljoen in 2027. De inkoop van ambulante forensische zorg stijgt van € 179 miljoen naar € 187 miljoen en blijft daarna gelijk (JenV, pp. 72, 103 en 105).
Binnen het groeiende budget verschuift de capaciteit echter richting beveiliging. De tbs-capaciteit groeit van 1.683 plaatsen in 2025, naar 1.938 in 2027 en 2.037 vanaf 2029. Tegelijkertijd daalde vanaf 2025 het aantal plaatsen voor forensisch beschermd wonen van 2.029 naar 1.894 en het aantal klinische behandelplaatsen in de forensische zorg van 922 naar 791. Ook dalen de tarieven voor deze plaatsen de komende jaren, waardoor dezelfde zorg met minder geld moet worden geleverd (JenV, p. 106).
Er is weinig ruimte om binnen dit budget andere keuzes te maken. In 2027 ligt 99 procent van artikel 34 al vast (JenV, p. 73). Voor de garantieregeling voor FPC’s is in 2027 € 180 miljoen beschikbaar. In 2028 en 2029 is dat € 60 miljoen per jaar. De regeling moet op 1 januari 2027 ingaan, maar daarvoor moet eerst een partij worden gevonden die de regeling gaat uitvoeren (JenV, pp. 73 en 79).
Bredere financiële context
Op de VWS-begroting staat vanaf 2027 een structurele bezuiniging op subsidies van € 29,6 miljoen. Tegelijkertijd kent de coalitieakkoordmaatregel Versterken wijken en buurten € 40 miljoen in 2027 en € 20 miljoen in 2028 en 2029; daarna valt deze post op nul (VWS, p. 25). Tegenover deze financiële ontwikkelingen staat een toenemende vraag. Het aantal wachtplekken buiten de Treeknorm steeg van 44.179 in 2022, via 50.904 in 2023, naar 62.598 in 2024 (VWS, p. 73).
Het financiële beeld is daarmee tweeledig: er zijn middelen voor de brede aanpak en de forensische zorg, maar de specifieke middelen voor mensen met verward of onbegrepen gedrag zijn beperkt en deels tijdelijk, terwijl de vraag en de druk op de keten toenemen.
Analyse op beleid
BZK coördineert de brede aanpak
Het kabinet zet de aanpak van mensen met risicovol verward of onbegrepen gedrag voort onder coördinatie van BZK, samen met JenV, VWS, VRO en SZW. De komende twee jaar staan vier prioritaire opgaven centraal: meer plekken en doorstroming, gegevensdeling, landelijke regie met lokale uitwerking en betrouwbare en structurele financiering. De randvoorwaarden worden vastgelegd in bestuurlijke afspraken (BZK, pp. 14 en 29). Hiermee wordt het vraagstuk nadrukkelijk domeinoverstijgend benaderd. De vier prioritaire opgaven sluiten aan bij de hefbomen uit Blijvend nabij.
VWS zet bemoeizorg en laagdrempelige ondersteuning expliciet op de agenda
VWS benoemt proactieve bemoeizorg voor mensen die zelf geen hulp zoeken expliciet in de beleidsagenda. Ook de aansluiting tussen reguliere en forensische zorg maakt onderdeel uit van de gezamenlijke aanpak. Daarnaast worden laagdrempelige steunpunten voor mensen met ernstige psychiatrische aandoeningen als AZWA-basisfunctionaliteit ingekocht, met als doel een landelijk dekkend aanbod in 2030 (VWS, pp. 8 en 10).
Wetgeving
Het wetsvoorstel voor de Evaluatiewet, waarmee de Wvggz en de Wzd worden gewijzigd, wordt in 2027 ingediend. Daarnaast wordt de Verzamelwet forensische zorg voorbereid. De Wet versterking regie op de volkshuisvesting trad op 1 juli 2026 in werking. Het bijbehorende besluit volgt op 1 januari 2027 (VWS, p. 10; JenV, p. 141; VRO, p. 12).
Werkagenda aansluiting reguliere en forensische zorg
JenV werkt aan de Werkagenda aansluiting reguliere en forensische zorg. Elf maatregelen moeten voorkomen dat mensen met een hoog veiligheidsrisico tussen wal en schip vallen. De maatregelen richten zich onder meer op een extra wettelijke zorgmogelijkheid binnen het strafrecht, betere doorstroom naar gemeenten en vaste, domeinoverstijgende begeleiding (JenV, p. 71).
De Werkagenda sluit daarmee aan bij het vraagstuk van de justitiële carrousel: zonder goede overdracht, begeleiding en passende voorzieningen bestaat het risico dat mensen na uitstroom opnieuw tussen domeinen terechtkomen. De garantieregeling voor FPC’s is beoogd per 1 januari 2027 en is afhankelijk van het vinden van een uitvoerende partij (JenV, p. 79).
Kennis en onderzoek
JenV start in 2027 onderzoek naar de uitstroom van forensische zorg naar het gemeentelijk domein. Daarnaast wordt een maatschappelijke kosten-batenanalyse uitgevoerd bij de Werkagenda.
Verder wordt onderzoek gedaan naar de voorgeschiedenis van tbs-gestelden, waaronder patiëntreis en preventie, middelengebruik in de forensische zorg en justitiabelen in de maatschappelijke opvang in Rotterdam. Het IBO Uit balans is een bouwsteen voor de periodieke rapportage ggz (JenV, pp. 199 en 202; VWS, p. 37).
Deze onderzoeken kunnen inzicht geven in de aansluiting tussen forensische zorg, het gemeentelijk domein en de bredere ggz en hoe in de levensloop van mensen ontwrichtende factoren kunnen worden beinvloed.
Preventie met Gezag
Binnen Preventie met Gezag richt JenV zich op meervoudige problematiek bij jongeren van 8 tot 27 jaar. JenV benoemt expliciet dat mensen met een licht verstandelijke beperking, schulden, psychiatrische problematiek en verslaving oververtegenwoordigd zijn in de strafrechtketen. De preventieve aanpak richt zich daarom ook op deze samenhangende problematiek (JenV, p. 82).
Samenhang tussen zorg, veiligheid en wonen
BZK coördineert de brede aanpak, maar de Werkagenda aansluiting reguliere en forensische zorg wordt daarin niet expliciet genoemd. Ook komt forensische zorg niet terug in de BZK-begroting. De brede aanpak en de justitiële keten zijn daarmee nog niet volledig in één beleidsmatige en financiële aanpak verbonden (BZK, pp. 14 en 29).
Ook voor de doorstroom is de samenhang tussen zorg, veiligheid en wonen van belang. Voldoende woonzorgplekken, begeleiding en een sluitende overdracht zijn voorwaarden voor een stabiele overgang vanuit de forensische zorg of detentie naar het gemeentelijk domein.
Ons advies aan de politiek
Meer samenhang in aanpak van mensen met onbegrepen gedrag
De begroting 2027 laat een voorzichtige beweging zien naar een meer domeinoverstijgende aanpak van mensen met verward of onbegrepen gedrag. Het vraagstuk wordt niet langer alleen als een ggz-opgave benaderd, maar onder coördinatie van BZK gezamenlijk opgepakt met JenV, VWS, VRO en SZW. De vier prioritaire opgaven - meer plekken en betere doorstroming, gegevensdeling, landelijke regie met lokale uitwerking en betrouwbare en structurele financiering - sluiten aan bij de hefbomen uit ons rapport 'Blijvend nabij'. Ook bemoeizorg krijgt expliciet aandacht en de Werkagenda aansluiting reguliere en forensische zorg zet in op vaste, domeinoverstijgende begeleiding en betere doorstroom naar gemeenten.
Tegelijkertijd is beleidsmatige erkenning nog geen structurele borging. De middelen die specifiek aan deze groep zijn gekoppeld, zijn programmatisch, beperkt en deels tijdelijk, terwijl de vraag toeneemt. Structurele financiering wordt als opgave benoemd, maar is in de begroting nog niet concreet belegd. Ook de afname van forensisch beschermd wonen én klinische behandelplaatsen, bij een groeiende tbs-capaciteit - náást het bestaande tekort aan woonplekken – blijven belangrijke aandachtspunten voor de uitstroom. De ontwikkeling van het aantal beschikbare woningen voor aandachtsgroepen blijft achter bij de opgave die de Nederlandse ggz samen met Companen in beeld heeft gebracht.
Domeinoverstijgende aanpak en borging bemoeizorg
We adviseren om de domeinoverstijgende aanpak structureel te borgen en de vier prioritaire opgaven te vertalen naar concrete en toetsbare afspraken. Maak van betrouwbare en structurele financiering een concreet onderdeel van de bestuurlijke afspraken en maak duidelijk wat volgt na afloop van de subsidie 'Grip op Onbegrip' in 2027 en na de tijdelijke gemeentelijke middelen voor versterking van de dienstverlening voor mensen met onbegrepen gedrag.
Borg daarnaast bemoeizorg structureel binnen de Wmo, Zvw én Wlz, in plaats van als tijdelijk subsidieproduct. De aflopende subsidie Bemoeizorg in de praktijk laat zien hoe kwetsbaar de continuïteit is wanneer structurele financiering ontbreekt.
Verbind forensische zorg met de bredere aanpak
Verbind de Werkagenda aansluiting reguliere en forensische zorg aan de bredere BZK-aanpak. Zonder voldoende woonzorgplekken, vaste begeleiding en een sluitende overdracht tussen zorg, veiligheid en het gemeentelijk domein levert uitstroom uit detentie of forensische zorg geen duurzame stabiliteit op. Het risico bestaat dat mensen opnieuw tussen domeinen terechtkomen en in dezelfde justitiële carrousel belanden.
Volg uitstroom en maak afspraken toetsbaar
Volg de ontwikkeling van forensisch beschermd wonen en klinische behandelplaatsen en breng in beeld waar mensen na uitstroom terechtkomen. Het aangekondigde onderzoek naar uitstroom naar het gemeentelijk domein en de MKBA bij de Werkagenda bieden hiervoor een belangrijk aangrijpingspunt. Vraag daarnaast om toetsbare afspraken over het aantal beschikbare plekken, doorstroomtermijnen en een vaste verantwoordelijke bondgenoot per persoon, met jaarlijkse rapportage over de voortgang.
Van erkenning naar uitvoering
Onze boodschap aan de politiek is daarmee positief van toon en scherp op de uitvoering. De richting klopt en de erkenning is er; het budget is smal en grotendeels tijdelijk. Uiteindelijk bepalen de gezamenlijke acties van Rijk, gemeenten en ketenpartners of mensen met psychische kwetsbaarheid en risicovol gedrag - binnen én buiten detentie, in de forensische zorg, ggz en het sociaal domein - integraal worden ondersteund, zodat stabiliteit, maatschappelijk herstel en een waardig bestaan binnen bereik komen.